Connecting Story: Rijden om te verbinden

‘Impact is het overbrengen van de vonk waarmee iets in vlam gaat en in het licht komt te staan’

 

In deze Connecting Story staat Hans van Meggelen centraal. Hans is de gedreven initiatiefnemer en eigenaar van DriveToConnect. Met zijn omgebouwde gele Amerikaanse schoolbus rijdt hij rond om, zoals hij zegt ‘Mensen en mogelijkheden samen te brengen door rondom en in de bus kennis in de breedste zin te delen.’ DriveToConnect wil iedereen helpen zich nuttig te voelen, waardoor het gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen zal groeien. Niet door te vertellen hoe het moet, maar door te laten zien hoe het kan: dromen, denken, durven, doen én delen. Als lid van de SDG-Nederland Community richt DriveToConnect zich op het verbinden van mensen en mogelijkheden voor duurzame doelen.

Connecting the dots

Met alle maatregelen in deze coronatijd is het niet makkelijk mensen met de bus te verbinden, de meeste opdrachten zijn dan ook gecanceld. Maar Hans is een doorzetter en probeert via telefoontjes en Zoomgesprekken de beweging gaande te houden. Dat heeft hij altijd gedaan en dat kenmerkt ook zijn loopbaan. Want waarom en hoe is hij DriveToConnect begonnen?

Hans: ‘Ik heb heel veel gedaan. Vroeger zeiden ze altijd ’die gozer met 12 ambachten, 13 ongelukken’. Ik was ook wel heel erg blij dat Steve Jobs op een gegeven moment dat veranderde in ‘connecting the dots’: al die ervaringen die je hebt opgedaan en later kunt gebruiken. Eén van de dots is dat ik ooit een windsurfschool heb gehad. Het was één van de eerste windsurfscholen in Nederland, terug in ’78-’79, op een prachtige plek in Zeeland. Met een voorlopige vergunning ben ik samen met een vriend gestart en we groeiden uit van een autootje-met-een-trailertje tot een auto-met-caravan en een grote bus. En zo kom ik aan mijn groot-rijbewijs. Met die vriend, die grafisch vormgever was, was ik ook een reclame-studio begonnen, want surfen doe je zomers maar 4 weken per jaar, dachten we. En het reclamewerk staat dan toch een beetje stil.’

Kanteljaar

Hans vervolgt: ‘Op een gegeven moment moesten we stoppen met de surfschool omdat een definitieve vergunning uitbleef en het financieel niet haalbaar bleek. Daarna heb ik nog vele verschillende dingen gedaan: van manager van een motel, tot hoofd van een automatiseringsafdeling en beheerder van een vergader- en theatercentrum. Tot alles in 2011 op zijn kop gezet werd. Dat jaar was voor mij een kanteling, een jaar van afscheid nemen. Mijn werkgever ging failliet, waardoor ik op straat kwam te staan. Precies op dat moment kreeg mijn vader te horen dat hij terminaal was, dus de laatste 3 maanden van zijn leven heb ik meer tijd gehad om hem echt te leren kennen

Tot slot kwam ik dat jaar met het Natural Networking Festival in Drenthe in aanraking, waar ik door een vriendin mee naar toe was genomen. Op dit kleinschalig festival met gelijkgestemden hoorde en zag ik dingen die me aanspraken zoals het vrij delen van kennis omdat alle kennis gratis op het internet te vinden is. Onder de slogan Bridging Brains Culture Technics and Nature zochten zij naar nieuwe manieren van denken en handelen om elkaar te versterken.  Zo leerde ik dat Seth Godin en Peter Diamandis interessante ideeën opgeschreven hadden over de nabije toekomst waarbij het internet een bepalende rol heeft. Dat ben ik verder gaan onderzoeken, met name de netwerk- en platformeconomie.  Ik heb gezocht naar wat mijn toegevoegde waarde hierbij zou kunnen zijn en kwam uit bij dat ik mensen digivaardiger wilde maken. Want ik vond en vind nog steeds dat internet een hele grote kloof heeft geslagen in onze samenleving. Het goed kunnen omgaan met ICT en daarmee het Internet is slechts een kleine groep mensen gegeven waardoor er mogelijkheden en kansen gemist worden. Vanuit mijn achtergrond had ik die kennis, maar ik wilde het niet in een zaaltje aanbieden waar iedereen naar toe moest komen. Ik wilde naar de mensen toe. Training-on-the-spot. Zo kom ik op de bus.

Een geluksvogel met pech

Door zijn ervaringen in 2011 zag Hans zijn leven niet alleen in duigen vallen. Hij haalt er ook zijn motivatie vandaan. Hans: ‘Ik noem mijzelf een geluksvogel die pech heeft leren kennen, waardoor ik het gezegde “een doel voor ogen hebben” nu pas na mijn zestigste echt heb leren begrijpen. Buitengesloten te worden om wat voor reden dan ook, zorgt voor heel veel frustratie en angst. Als je de zekerheden hebt van een goed inkomen en een fijne leefomgeving, ga je ervan uit dat iedereen in moeilijke tijden in onze samenleving geholpen wordt. Het woord NUGGER[1]  leer je pas kennen wanneer je hulp gaat vragen en te horen krijgt dat je niet voor hulp in aanmerking komt. ‘

Hij vervolgt: ‘Mijn ervaringen riepen bij mij heel veel vragen op, waardoor ik heel kritisch naar onze samenleving ben gaan kijken. Ik kwam tot de conclusie dat alles een reden van bestaan heeft, maar het tijd werd om zaken anders te gaan doen. Zeker in onze huidige tijd van veranderingen. Of zoals Jan Rotmans zo mooi zegt: ‘We leven niet in een tijdperk van veranderingen, maar in een verandering van Tijdperk’. Zelf weet ik uit ervaring dat veel van mijn angsten voortkomen of vergroot worden door onwetendheid. Ik denk dan ook dat er twee belangrijke bronnen bestaan: namelijk een bron van onwetendheid waarin onze angsten verborgen zijn en een bron van twijfel die ons laat onderzoeken en ons verrijkt met opgehaalde kennis.

Met de bus probeer ik onze angsten te beteugelen, door elkaar te ontmoeten en van elkaar te leren waardoor er ruimte ontstaat voor nieuwe ideeën en samenwerkingen.’

Naar een duurzame mindset

Na zijn kanteljaar, zoals hij het zelf noemt, kwam Hans met de Millennium Goals van de Verenigde Naties in aanraking. Hij zegt: ‘Ik dacht: Wat zijn nou de doelstellingen van onze overheid? En vanuit Europa? Hoe kijkt men? En hoe wil men de armoede en de honger de wereld uit helpen? En hoe wil men de mensen digivaardiger maken? Ik dacht: ‘Goh, daar kan ik wat mee. Dat heb ik meegenomen. Dat was mijn kompas, min of meer.’

‘Toen de Millennium Goals in 2015 werden vervangen door de 17 Sustainable Development Goals, was ik er aanvankelijk niet direct enthousiast over. Ik vond ze onbegrijpelijk en vroeg me af: Hoe doen we dat dan? Wie gaat dat financieren? En als deze doelen nu bottom-up gerealiseerd moeten worden, waarom wordt daar geen ruchtbaarheid aan gegeven? Waarom blijven ze op de burelen van Buitenlandse Zaken en de academische wereld liggen?’

We vragen hem wat samenwerking te maken heeft met het realiseren van de SDG’s. Hans: ‘Inmiddels ben ik ervan overtuigd dat de 17 Sustainable Development Goals doelen zijn waar iedereen zich bewust of onbewust aan kan en/of wil verbinden. Het zijn doelen die iedereen op zijn of haar eigen manier en tempo kan realiseren, deze verschillende manieren kunnen inspirerend zijn voor anderen. De doelen lijken allemaal op zichzelf te staan maar zijn onderling sterk met elkaar verbonden, waardoor samenwerken eigenlijk heel vanzelfsprekend is.’

Grassroots: vanaf de bodem

Sinds de Action Day 2018 van SDG Nederland probeert hij zijn visie verder over het voetlicht te krijgen: ‘Bij de Action Day heb ik steeds gepropageerd dat het heel belangrijk is dat, als je praat over een bottom-up beweging, je dus juist de initiatieven die in de straten en pleinen gebeuren aandacht en funding moet geven. De inclusieve samenleving begint van onderaf, vanaf de grassroots. Veel mensen doen (lokaal) al vaak hartstikke goed werk. Alleen lijken onze ambtenaren en politici daar geen oog voor te hebben. Impact is niet het verhaal in de krant of op het journaal, maar is het overbrengen van de vonk waarmee iets in vlam gaat en in het licht komt te staan.

Zo heb ik bijvoorbeeld een spel bedacht ‘Gokken met je toekomst’. Ik heb een paar duizend winkelkarmuntjes laten maken met het SDG-logo en de SDG-vignetten erop en daar kun je allerlei spelletje mee spelen. Ik vind dat dingen die nieuw of ingewikkeld zijn, leuk gemaakt moeten worden. Want als dingen leuk zijn, gaan mensen zich ervoor interesseren. En als ze dan ergens in geïnteresseerd zijn, gaan ze zich ook er serieus in verdiepen. Ten minste, zo werkt dat bij mij. Als ik het leuk vind en het interesseert me, dan wil ik er tijd en moeite insteken. Anders niet.’

Samenwerken aan Sociale Verduurzaming

Hans komt met zijn bus met veel organisaties, zowel bedrijfsleven als overheden, en initiatieven in contact. Zo was hij bij de Innovatietoer voor Stichting Innovatielink, de Laaggeletterdheid campagne van de gemeente Rotterdam en bij de ‘Week tegen Eenzaamheid’ van Stichting Kom Erbij.

Samenwerking ervaart hij voornamelijk als prettig maar soms tijdrovend. Hij vertelt: ‘De ‘Toys for All Christmas Tour’ is voor mij een prachtig bewijs dat motivatie belangrijker is dan geld. Geen geld maar wel het lef en inzet van 6 verschillende partijen zorgden ervoor dat mijn tot speelgoedwinkel verbouwde bus ruim 400 kinderen in Rotterdamse achterstandswijken blij hebben kunnen maken door het zelfstandig laten uitzoeken van speelgoed in de bus, ongeacht of ze rijke of arme ouders hadden. Wij allen deelden hierna de ervaring dat kinderen heel veel compassie hebben voor anderen. De keuze werd vaak niet bepaald door het grootste cadeau, wat meestal ook het duurste was, maar door speelgoed wat ze met broertjes/ zusjes of vriendjes konden delen. ‘

Licht en liefde in de samenleving

Tot slot vragen we of hij nog een tip voor anderen heeft: ‘Geld is belangrijk, maar wanneer je kan zorgen dat dit niet je belangrijkste beweegreden is om aan de SDG’s te werken, zal je geloofwaardiger overkomen, het langer volhouden en op den duur veel meer steun ontvangen. Gebruik de SDG’s niet als marketingtool voor je verdienmodel.

Hij sluit af: ‘Ik hoop dat wij het gedachtegoed van onze voorbeelden zoals Mahatma Gandhi, Nelson Mandela en Martin Luther King jr zullen koesteren en de woorden die King heeft uitgesproken zullen begrijpen en opvolgen: ‘Darkness cannot drive out darkness. Only light can do that. Hate cannot drive out hate. Only love can do that.’’

 

Meer weten over Drive to Connect?

Kijk op de website.

 

 

[1] Niet-UitkeringsGerechtigde